KG13
Kristof Goddaert & het noodlot
In mei 2006 won Kristof Goddaert met het rugnummer 13 een beloftenklassieker. Voortaan zou hij rond zijn hals altijd een kettinkje met dat nummer dragen. Op social media werd zijn nickname @KristofG13. Jarenlang was 13 het grote geluksgetal van Kristof Goddaert. Tot het dat niet meer was.
Verder in deze editie
Geluksbrengers
Renners klampen zich vast aan alles waar ze van denken dat het hen geluk kan brengen, bescherming kan bieden of een voordeel kan schenken. En dus heeft bijna elke renner wel een kledingstuk, voorwerp, ritueel of juweel om kracht en geluk uit te halen. Meestal hangt daar een goed verhaal aan vast.
Het Lourdes-mirakel van Thor Hushovd
153 jaar nadat Bernadette Soubirous oog in oog kwam te staan met de Maagd Maria, voltrok zich in Lourdes een nieuw mirakel(tje): sprinter Thor Hushovd won de Tourrit over de Aubisque. “Het zotste wat ik ooit heb gedaan”, zei de Noor. Een reconstructie van die perfecte dag in 2011.
Jonathan Milan
“Welk type renner ik ben? Groot, krachtig, nu eens wel, dan weer niet.” Kernachtiger kan hij het niet formuleren. Jonathan Milan belichaamt natuurlijk meer dan dat. Maak kennis met een speelse Italiaan in het lichaam van een tank, een vrolijke vrijbuiter met een hang naar vertrouwdheid en snelheid.
Justine Ghekiere
Bollenmadam
Ze won als wielertoeriste een virtuele rittenkoers tijdens corona, maar haar resultaten waren zo straf dat de organisatoren haar niet geloofden en haar diskwalificeerden. Gelukkig geloofde Justine Ghekiere (30) wel in zichzelf en schreef ze sindsdien een wielersprookje.
Een nacht in Kamer 11
De legende van Hotel Malpertuur
Na een slechte nacht win je geen koersen. Maar na een nacht in kamer 11 van Hotel Malpertuus is de kans dat je wél wint groter. Vraag maar aan Moreno Argentin, Michele Bartoli of Joaquim Rodriguez. Mario Cipollini hield zelfs een wereldtitel over aan een nacht in kamer 11. Ook Bahamontes sliep er.
Wie gelooft die coureur(s) nog?
(Bis)
In 2013, kort na de biecht van Lance Armstrong bij Oprah, publiceerde Hans Vandeweghe Wie Gelooft Die Coureurs Nog?, een allesomvattend boek in dertien hoofdstukken over doping in het wielrennen. Dertien jaar later vroeg Bahamontes aan Vandeweghe om een veertiende hoofdstuk te schrijven.